Zenit in april 2007

Voorkant Zenit 4 2007  
Bij de voorplaat: 
Gezien door een UV-bril zien sterrenstelsels er nogal anders uit dan we gewend zijn. Het Andromedastelsel op het omslag bijvoorbeeld, heeft in het ultraviolet nog wel een herkenbare vorm, maar daarmee is ook alles gezegd. Het opvallendste kenmerk van het stelsel is een reusachtige ring, bestaande uit talrijke jonge, hete sterren. De oorsprong van dit 150.000 lichtjaar metende stervormingsgebied staat nog niet vast, maar recent onderzoek duidt erop dat de ring kan zijn ontstaan na een botsing met het naburige dwergstelsel M32, die ongeveer 210 miljoen jaar geleden zou hebben plaatsgevonden.
(Foto: GALEX team, Caltech, NASA)
Artikel op blz. 160 e.v.


160    Een ultraviolette kijk op sterrenstelsels

Edwin Mathlener
In deze tijd van steeds groter wordende telescopen op aarde en in de ruimte is het verrassend om te zien dat ook met betrekkelijk kleine instrumenten nog steeds belangrijke wetenschappelijke bijdragen geleverd kunnen worden. De Galaxy Evolution Explorer (GALEX) is zo'n instrument. De vijftig centimeter metende hoofdspiegel is niet erg groot, maar de kracht van dit ruimteobservatorium schuilt dan ook in zijn zeer gevoelige ultravioletdetectoren, die een beter inzicht moeten geven in de bouw en evolutie van sterrenstelsels.

166    Structuren in de stofstaart van komeet McNaught 

Peter Bus en Rob van de Weg
Zo eens in de tien à twintig jaar vertoont een zeer heldere komeet een klassieke staart in al zijn uitgestrektheid en complexiteit. Komeet C/2006 P1 (McNaught) is de meest recente komeet die tot deze categorie behoort. Dankzij zijn dichte nadering tot de zon en de zeer gunstige baangeometrie na zijn periheliumdoorgang op 12 januari 2007, liet de komeet een zeer indrukwekkende stofstaart zien. Op het hoogtepunt strekte de stofstaart zich over ongeveer tachtig graden uit. In deze stofstaart, die een maximale breedte van zo'n 25 graden bereikte, waren toen allerlei fijnstructuren als banden en strepen zichtbaar.

172    Kust- en eilandeffecten op bewolking

Kees Floor
Zeearmen en eilanden kunnen een stempel drukken op het bewolkingspatroon. De tegenwoordig beschikbare satellietbeelden maken het door hun hoge resolutie mogelijk de wisselwerking tussen zee, land en stapelwolken vast te leggen en te volgen.

174    Structuur in het duister

John Heise
Terwijl de ruimte uitdijt, beweegt de materie -- lichtgevende en donkere -- in het heelal in vrije val naar elkaar toe. Zij fragmenteert en er ontstaan dichtere structuren. Door aangroei ten gevolge van botsingen worden uiteindelijk sterrenstelsels gevormd. Dit wisten we al uit computersimulaties, maar nu is in een groot gecoördineerd onderzoek met ruimtetelescopen en telescopen op aarde ook direct de rol van donkere materie gemeten. Uit de metingen blijkt dat de donkere materie dichterbij verder ingestort is en meer is gefragmenteerd dan die verder weg.

Verder in dit nummer

180    Korte berichten, met o.m.
- De 'Terugblik' van Kees de Jager
- Kosmic Relief
- Kijk op Hubble

187    Het zelf bouwen van een Crayford-focusseerinrichting

190    De opvallende Leoniden-opleving van 2006

192    Zenit Digitaal: Eye & Telescope

196    Amateurs actief: Een gekleurde maan en deepsky uit Dieren

200    Het weer in februari

202    Sterrenhemel

204    Agenda